
Welke dakopbouw vraagt om welke isolatie?
Bij dakisolatie kijken we eerst naar de bestaande opbouw. Bij een pannendak zijn de ruimte tussen en onder de kepers, het onderdak, de panlatten en aansluitingen rond dakramen bepalend. Bij een plat dak beoordelen we de draagvloer, bestaande isolatielaag, dampremmende laag en dakbedekking. Zo wordt duidelijk waar warmte ontsnapt en waar vocht kan ophopen. Een koude, slecht geventileerde dakruimte vraagt om een andere ingreep dan isolatie aan de buitenzijde. Bekijk onze diensten voor het bredere overzicht; daarna bespreken we uw situatie gericht.
Tijdens een inspectie letten we op koudebruggen, verkleuringen, schimmelsporen en aansluitingen waar lucht of water kan binnendringen. Ook bespreken we de gewenste isolatiewaarde, de beschikbare ruimte en de gevolgen voor ventilatie. Is de dakbedekking nog bruikbaar, dan kan isoleren worden gecombineerd met een aangepaste opbouw; bij vocht of verouderde lagen moet eerst de oorzaak worden aangepakt. U krijgt uitleg over mogelijkheden en aandachtspunten voor afwerking, doorvoeren en dakranden. Daarmee kunt u een keuze maken die past bij de technische staat van het dak.



























